Omgaan met de ZON

Pigmentcellen zijn verspreid over ons hele lichaam. Soms komen zij in groepjes voor; zo kunnen ze een moedervlek vormen.

Wanneer deze pigmentvlekken veranderingen gaan vertonen, kan dit soms wijzen op onrustigheid van de moedervlek of op een beginnend melanoom. In dit geval is het belangrijk dat u op korte termijn een huisarts consulteert.

Waarop kunt u zelf letten?

Naast de controle door de huisarts, doet u er goed aan ook zelf uw huid in de gaten te houden. Dit moet zeker niet elke dag gebeuren. Éen keer per maand uw huid nauwkeurig op veranderingen bekijken is voldoende.

Daarbij moet u letten op:

  • Assymetrische (=ongelijkmatige) toename in grootte en/of dikte van de moedervlek.
  • Kleurveranderingen, vb. het erg donker worden van de vlekken of het ontstaan van allerlei kleuren door elkaar.
  • Veranderingen in de omtrek van de moedervlek: vb. wanneer de rand op één of meer plek(ken) onregelmatig wordt.
  • Jeuk.
  • Zweervormig met korstjes of bloeding.

Ook wanneer zich op een voordien 'gave' huid een nieuwe pigmentvlek vormt, is het best een dermatoloog te consulteren, zeker wanneer die de bovengenoemde veranderingen gaat vertonenen.

Wanneer er bij u in het verleden een melanoom (=kwaadaardige pigmentvlek) werd verwijderd, is het best ook te letten op:

  • Veranderingen in en rond het littekengebied
  • Zwelling van 1 of meerdere klieren in de hals, de oksels of de liezen, afhankelijk van de plaats van het verwijderde melanoom (vb. rechteroksel bij melanoom van de rechterarm).

Pas op met de zon.

In de laatste decennia is het aantal patiënten in West-Europa en Noord-Amerika met een melanoom duidelijk toegenomen. Er zijn aanwijzingen dat dit verband houdt met overmatige blootstelling aan ultraviolette straling. Ook de hoeveelheid ultraviolette straling die men als kind kreeg is zeker van belang.

Wanneer u moedervlekken heeft of een melanoom heeft gehad, is het daarom aan te raden verstandig met ultraviolet licht en zon om te springen. Zeker mensen met een bleek fototype zijn extra gevoelig voor de schadelijke effecten van zonlicht. Zij hebben vaak een licht huis, blond of rossig haar en/of blauwe ogen. Mensen met dit huidtype verbranden snel in de zon en worden vrij moeilijk bruin.

Blootstelling aan de zon betekent niet noodzakelijk dat u op het strand ligt te 'bakken'. Boodschappen doen, een wandelingetje, even naar de post of uitrusten op een terrasje levert reeds meer dan genoeg zon. Daar komt nog een portie bovenop, vb. door buiten te werken (vb.tuinieren, verven, auto wassen), te sporten, spelen of fietsen.

Daarom enkele raadgevingen:

  • Houd bij sterke zon uw huid zoveel mogelijk bedekt, zeker als u bijvoorbeeld beroepsmatig in de zon komt. Luchtige lange broeken of rokken en T-shirts met lange mouwen kunnen goede diensten bewijzen. Denk er echter aan dat kledij ook het UV-licht kan doorlaten: hoe dunner het weefsel geweven is en hoe bleker de kleur, hoe meer UV-stralen de huid kunnen bereiken. Jeans biedt wel een goede bescherming. Verder laat natte kleding meer UV door dan droge kleding.
  • Ter bescherming van gezicht en nek kan u een zonnehoed of pet met klep of rand dragen.
  • Smeer de onbedekte lichaamsdelen bij zonnig weer in met een zonnecrème met een beschermingsfactor 20 of meer. Kies een crème die ook de UVA-stralen tegenhoudt. Denk eraan dat deze crèmes nog wel UV doorlaten en dus geen 'muur' vormen waardoor u eindeloos mag zonnen.
  • Bescherm u ook als u onder een parasol zit, want ook onder de parasol kan UV-straling komen (vb.weerkaatsing).
  • Tussen tweel en drie (zomertijd) is de UV-straling het sterkst. Bent u buiten, zoek dan zoveel mogelijk schaduw op.
  • U moet de zonnecrème voldoende dik en regelmatig smeren (vb. om de 2 uur) en zeker na een zwembeurt.
  • Het gebruik van zonnebanken is zeker af te raden.
  • Hoog in de bergen is er meer UV dan op zeeniveau. Een goede bescherming is daar dus zeer noodzakelijk.
  • Kinderen en tieners dienen extra beschermd te worden. Ook bij gebruik van een zonnebrandmiddel mag men kinderen niet de hele dag in de zon laten. Gebruik beschermende kledij en laat uw kinderen niet in hun blootje in de zon lopen. Vergeet ook niet uw kind te beschermen bij schoolreisjes, sportdagen of (school)kampen. Wanneer u zelf het goede voorbeeld geeft, wordt bescherming tegen te veel zon voor kinderen meer vanzelfsprekend.